Ontdek Sas van Gent

Terug naar homepage

Historie


Historie van Sas van Gent

In 1260 is er door de Gentenaars een zeeweg gegraven naar de zee. “De Lieve” liep van Gent via Damme naar het Zwin. Na verzanding van het Zwin ca. 1420 zochten de Gentenaren een nieuwe uitweg naar zee. Uiteindelijk werd pas in het midden van de 16e eeuw op hun kosten een vaart gegraven naar de Honte. Deze vaart liep tot tegen de Graaf Jansdijk. Pas in 1549 gaf Karel V zijn geboortestad Gent toestemming een sluis of sas te bouwen in de zware Graaf Jansdijk, mits er een vingerling ( een ringdijk op de schorren ) aangelegd zou worden. Op 19 augustus 1551 werd de eerste steen gelegd van de zoute Speije. Op 8 mei 1561 werd de eerste steen gelegd voor de zoete Speije. Bij het bouwen van de sluis en het graven van de Sasse vaart ontstond een kleine nederzetting ontstaan: Sas van Gent

Op 21 mei 1572 deden de Watergeuzen een aanval op de nederzetting. Ze staken de huizen in brand en verwoesten de sluis! Slechts10 huizen bleven gespaard. In 1577 was de schade hersteld en kon de scheepvaart naar Gent weer doorgaan.
Niet alleen de sluizen waren hersteld, ook de verdedigingswerken werden uitgebreid. We kunnen nu al spreken van een vesting. De vesting bestond uit een wal met vier hoornwerken en daaromheen lag een gracht. Doordat Gent in 1579 de Unie van Utrecht tekende, kwam de stad Gent en omstreken in handen van de Staten.
Dat de kleine Sasse vestiging belangrijk was, blijkt wel uit het feit dat Alexander Frnese, hertog van Parma in 1583 opdracht gaf aan de marktgraven Montigny en Rysenburg zich van het “Sas van Gent “meester te maken. Dit lukte door verraad van de baljuw van het land van Waes, Servaas van Steenland.
Door deze verovering en die van Axel, Hulst en Sluis bedreigden Spaanse troepen de steden Gent en Brugge en konden zo geheel Vlaanderen onder Spaanse heerschappij brengen.
Het is dit Spaanse bewind dat begonnen is met het omvormen van “Het Sas van Gent “ van een schutsluis tot een machtige vestiging. De wal was omringd door een diepe gracht waar enkele ravelijnen en lunetten in lagen. Het Sas van Gent was een mooi stadje geworden.
Op 28 juli 1644 begon Frederik Hendrik, Prins van Oranje met het beleg van Sas van Gent. Groot was de tegenstand die hij van Spaanse zijde ondervond. Op 5 september 1644 capituleerde de vesting Sas van Gent. Na de vrede van Munster in 1648 ging de economische betekenis van het kanaal sterk achteruit. De Schelde was immers gesloten en er was geen handel met de stad Gent meer mogelijk. Het kanaal werd schromelijk verwaarloosd. De betekenis van de vesting nam echter sterk toe. De vesting werd uitgebouwd tot een der sterkste van Europa! Het “Sas van Gent” was nu geen poort van Vlaanderen meer maar een dolk gericht op het hart van Vlaanderen.

De vestingwerken van Sas van Gent waren zeer uitgebreid. De vesting was voorzien van zeven bolwerken (Hollandia, Zeelandia, Generaliteit, Oranje, Nassau, Coehoorn, Vassy). Een bolwerk of bastion is een vijfhoekig uitspringend deel van de wal van een vesting, fort of schans. De bolwerken zijn onderling verbonden door Courtines, een muur van het ene bolwerk naar het andere.
In 1672 maakte de Republiek der Verenigde Nederlanden een moeilijke tijd door. Ook voor de vesting Sas van Gent waren het benarde tijden. Nog voor de officiële oorlogsverklaring vielen de Franse troepen de Zuidelijke Nederlanden binnen.
De Fransen probeerden door verraad de Sasse vesting in handen te krijgen. Ze probeerden de bevelhebber van het fort SST.Antoon om te kopen. Deze commandeur speelde het spel mee maar waarschuwde de Prins van Oranje. Om de Franse troepen tegen te houden werd door de Raad van State op 7 en 20 juli 1672 gelast de dijken van de jonge Carnisvlietpolder bij het Pas en aan het fort SST.Marc door te steken. De poging Sas van Gent in handen te krijgen was mislukt!
In 1740 brak de Oostenrijkse Successieoorlog uit. In die oorlog was de Republiek der Verenigde Nederlanden zeer ongelukkig. De troepen van Lodewijk XV drongen al gauw de Oostenrijkse (zuidelijke) Nederlanden binnen. In 1747 veroverden de Fransen Gent. Op 17 april 1747 verlieten de Franse troepen de stad Gent en Marcheerden richting Sas van gent. De stad werd door de Fransen beschoten. Bij deze beschieting gingen de kerk en verschillende huizen in vlammen op. Al spoedig gaf de vesting zich over. Na de vrede van Aken in 1748 moesten de Fransen de stad weer ontruimen en kwam Sas van Gent weer in handen van de Hollandse troepen.
De vrede heeft niet zo lang geduurd.In 1795 verklaarde de Franse republiek de oorlog aan alle vorsten van Europa en aan de stadhouder van de Republiek der Verenigde Nederlanden. De Franse troepen en de uitgeweken patriotten rukten de zuidelijke Nederlanden binnen. Op 15 februari 1795 stelde Zeeland zich onder Frans bestuur en weer trokken de Fransen onze vesting binnen. Sas van Gent maakte voortaan deel uit van het Frans departement de L’Escaut.
Voor onze vesting had dit tot gevolg dat reeds in ditzelfde jaar het beruchte “Comité du Saluut Public”de slechting van de vestingwerken gelastte. Veertien jaar lang werd eraan gesloopt tot in 1809 de werken werden stopgezet. In de volgende jaren werd zelfs weer aan herstelwerkzaamheden begonnen. Een gedeelte van de vestingwerken werd weer “opgemaakt”. Maar niet voor lang: Bij Kon.Besluit van 21 juni 1816 werden de bestaande wallen aan de domeinen overgegeven en verpacht. Ruim 100 jaar lang heeft de slopingswoede van de 19e en de 20e eeuw in onze roemruchte veste huisgehouden en praktisch geen steen meer op de andere gelaten.
Hele gezinnen leefden uitsluitend van wat het slopingswerk hun opbracht. Vooral in de crisisjaren rond 1930 werd de vesting sas van gent de genadeslag toegebracht. Onder burgemeester Hoefnagels werden de nog bestaande gedeelten door een heel leger werklozen in “Werkverschaffing”met de grond gelijk gemaakt. Bijna alles werd aan vernietiging prijs gegeven. Was Sas van Gent vanaf zijn ontstaan midden 1500 afhankelijk van de scheepvaart, sluizen, overslag en inkomsten van gelegerde garnizoenen, begin 1800 brak een armoedige tijd aan.
De grote ommekeer kwam begin 1900 toe diverse bedrijven zich in en rond Sas van Gent gingen vestigen. De Walsenmolen, suikerfabrieken, blauwselfabriek, weverij, ijzergieterij, stijfselfabriek, tapijtfabriek, pottenbakkerij, betonfabriek, Zuid Chemie, visfabriek, brouwerij en limonadefabriek ze werden in rap tempo gebouwd.
Mede dankzij het spoor en de aangelegde tramlijn was Sas van Gent van begin tot midden 1900 een druk en bedrijvig stadje. Alles werd in het werk gesteld om de industrie de ruimte te geven.’Het kanaal werd diverse malen verbreed. De oude sluis werd gedempt en maakte plaats voor de oprit van de nieuwe brug en het Keizer Karelplein.
Vanaf de jaren 1960 begon mede door inflatie en globalisering van bedrijven het tij te keren. De weverij “De Schelde “moest zijn deuren sluiten . Diverse kleine bedrijven verdwenen geruisloos uit het zicht. De tapijtfabriek, De Fatex, Visfabriek .De brouwerijen het blauwselkot , de pottenbakkerij en de betonfabriek “Pissa”waren hen al voorgegaan. Maar ook de grote bedrijven zoals de Walsenmolen en de beide suikerfabrieken konden het hier niet bolwerken en vielen ten prooi aan de centralisering van multinationals.
Al deze veranderingen hebben in Sas van Gent hun lidtekens nagelaten. Ze hebben gaten geslagen die nu nog goed zichtbaar zijn. Sas van Gent is de 20e eeuw ingegaan als een industriestad in verval maar is nu bezig zich te ontwikkelen naar een industriestadje waar het goed en plezierig wonen is.